Vlaamse reus

Vleeskonijn

Oorspronkelijk werd de Vlaamse reus ontwikkeld voor zijn vlees. Hoe groter het dier, hoe meer vlees eraan zit. Logisch dus dat de Vlaamse reus ook letterlijk de reus onder de konijnen is geworden. Inmiddels wordt het dier doorgaans niet meer als vleeskonijn gehouden, maar als gezelschapsdier.

Uit België

Het ras van de Vlaamse reus ontstond vroeg in de 19e eeuw in de Vlaamse stad Gent (België). Het dier dankt zijn naam aan zijn geboortegrond. Men neemt aan dat de Vlaamse reus afstamt van een inmiddels uitgestorven ander groot konijn: de Patagoniër, een Zuid-Amerikaans ras. Aan het eind van de 19e eeuw toonden ook andere Europese landen hun belangstelling voor de Vlaamse reus. Tegenwoordig komen liefhebbers van dit ras overal ter wereld voor.

Haasachtigen

Het konijn behoort samen met de haas tot de haasachtigen. Het verschil tussen een konijn en haas kun je gemakkelijk zien. De achterpoten van het konijn zijn veel korter dan van de haas. En ook de oren van het konijn zijn kleiner.

Olifantstanden

Net als bij knaagdieren groeit het gebit van konijnen het hele leven door. Ze moeten vezelrijk voedsel eten om de tanden af te slijten. Wanneer de voortanden beschadigd zijn, kunnen ze scheef doorgroeien. Ze raken de ondertanden niet meer en worden te lang. Dit noemen we ‘olifantstanden'. De dierenarts moet eraan te pas komen om de tanden af te slijpen, anders kan het konijn niet goed eten.

Mannetje of vrouwtje

Bij veel konijnenrassen is het moeilijk om het verschil tussen een mannetje (rammelaar of ram) of vrouwtje (moer of voedster) te zien. Bij de Vlaamse reus is dat gemakkelijker. De kop van het vrouwtje is kleiner en smaller dan van het mannetje. Ook heeft zij soms een huidplooi onder de kin: een ‘wam'.

Lepeloren

Kenmerkend voor de Vlaamse reus zijn de enorme oren. Deze zijn stevig gebouwd en staan rechtop. De oren eindigen in een ronde, lepelvormige top. Vlaamse reuzen komen in 9 verschillende kleuren voor. Ze horen een egaal gekleurde vacht te hebben. Dieren met vlekken zijn gekruist met een ander ras.

Geen ‘gewoon' konijn

Zijn ongewoon grote omvang maakt dat de Vlaamse reus geen ‘gewoon' konijn is. Wie dit ras als huisdier wil houden, heeft veel ruimte nodig. Daarnaast moet rekening worden gehouden met de kosten. Bij de aanschaf van het dier moet niet worden vergeten dat behalve een groot hok, het dier ook meer bodembedekking en voedsel nodig heeft dan een gemiddeld konijn. Ook is de Vlaamse reus geen konijn om eventjes op te tillen. Daar is hij gewoon te groot voor. Knuffelen vinden Vlaamse reuzen prima. Ze hebben een vriendelijk en rustig karakter.

Groepsdieren

Voor elk konijnenras geldt dat het een groepsdier is. Ze kunnen het beste in paartjes worden gehouden. Een mannetje en vrouwtje bij elkaar kan heel goed. Het mannetje moet dan wel gecastreerd zijn, anders komen er snel jongen. Ook twee vrouwtjes samen gaat doorgaans prima. Twee mannetjes samen gaan meestal vechten.

Altijd eten

Of een konijn gezond is kun je onder andere aan zijn eetgedrag zien. Een konijn dat een tijdje niet eet is waarschijnlijk ziek. Konijnen hebben gevoelige darmen. Ze moeten de hele dag vezelrijk voedsel kunnen eten, zoals gras, hooi en bladgroente. En natuurlijk speciaal konijnenvoer dat in de winkel te koop is. Zodra een konijn te weinig eet, ontstaan gassen in de darmen. Daar krijgt hij last van. Hij stopt met eten en de darmwerking valt stil. Het is dan nodig om met het konijn naar de dierenarts te gaan.

Keutels eten

Konijnen hebben een misschien wat onsmakelijk natuurlijk gedrag: ze eten soms hun eigen keutels op. Dat doen ze om de onverteerde voedselresten die erin zitten nogmaals binnen te krijgen. Een soort herkauwen dus, maar dan via keutels in plaats van het voedsel terug te brengen in de bek zoals bij koeien en schapen. Het opeten van een keutel gebeurt meteen zodra deze het lichaam verlaat. De losliggende keutels mogen dus gewoon worden opgeruimd bij het schoonmaken van het hok.

Groenvoer

Konijnen zijn planteneters. In de natuur eten ze van alles door elkaar. Daarom is het goed om konijnen kleine beetjes van gemengd groenvoer te geven. Geschikte groenten zijn bijvoorbeeld andijvie en wortels. Daarnaast ook kruiden zoals bladeren van de paardenbloem en dovenetel. Konijnen mogen nooit nat groenvoer hebben of afgemaaid gras. Ook koolsoorten, sla en witlof zijn niet goed voor de darmen. Om te knagen kun je konijnen droge broodkorsten geven of wilgentakken. Ze moeten de hele dag hooi kunnen eten, daar zitten gezonde vezels in. In het hok moet altijd vers drinkwater staan.

Vlaamse reus in getallen

Land van herkomst  België (Vlaanderen)
Gewicht 6-7,5 kilogram 
Kop-romplengte minimaal 65 centimeter
Oorlengte  17-21 centimeter
Draagtijd ongeveer 30 dagen
Aantal jongen 3-8 per worp
Levensverwachting  5-7 jaar

Pagina opties

Kruimelpad

Op hierarchische volgorde, het laatste element is de huidige pagina

Onderdelen van het Natuurkwartier