Merwedelijn nodig voor groei

Een grote verbetering van het openbaar vervoer is nodig om de regio Utrecht bereikbaar en leefbaar te houden, omdat het aantal woningen en werkplekken groeit. Een nieuwe tramlijn tussen Utrecht en Nieuwegein (de Merwedelijn) is daarvoor onmisbaar. Dat blijkt uit de eerste onderzoeksresultaten van de MIRT Verkenning OV en Wonen regio Utrecht. Dit is een onderzoek dat wordt uitgevoerd door U Ned: een samenwerking van Rijk, provincie en gemeenten, waaronder Nieuwegein.

Tot 2040 zijn er 165.000 nieuwe woningen nodig in de provincie Utrecht. Voor Nieuwegein gaat het om de bouw van ongeveer 5.500 woningen in onder meer City en Rijnhuizen. Na 2030 zien Rijk en regio kansen in onder meer Groot Merwede (A12-zone), waarvan naar verwachting 5.000 tot 10.000 woningen in Nieuwegein. Daarnaast komen er in die periode 110.000 werkplekken bij in de provincie. Dat betekent veel meer verkeer. Er zouden nog meer files in de regio komen als dit vooral autoverkeer is. Daarom is het heel belangrijk dat het openbaar vervoer sterk wordt verbeterd.

Schaalvergroting

Naar verwachting zullen 50.000 tot 60.000 reizigers per dag gebruikmaken van de Merwedelijn. Deze lijn is daarmee heel belangrijk bij het uitbreiden van het openbaar vervoer, die nodig is om de gewenste groei in woningen en werkplekken mogelijk te maken. De Merwedelijn kan nog meer benut worden als hij wordt doorgetrokken naar Rijnenburg.

Ook andere maatregelen zijn nodig om het OV in de regio te verbeteren. De tram naar het Utrecht Science Park (USP) moet vaker rijden, er moet een betere busroute over de Waterlinieweg komen en mogelijk een 2e busbaan op het USP.

Verder uitzoeken

Komende maanden gaat de MIRT Verkenning verder uitzoeken hoe de Merwedelijn kan worden aangelegd. Er wordt gekeken naar de voor- en nadelen van bepaalde routes en haltes, of het maakbaar is, wat het kost en hoeveel mensen de lijn gaan gebruiken.

Ook bekijken we waar een halte van de Merwedelijn bij Utrecht Centraal het beste kan worden aangelegd en waar de route boven- of ondergronds kan komen. De mogelijkheid om de tram door te trekken naar Rijnenburg wordt ook onderzocht. Als dat allemaal duidelijker is, kunnen we bepalen welke route en haltes de voorkeur hebben.

Uit de eerste onderzoeksresultaten blijkt dat de maatregelen duurder zijn dan verwacht. Daarom kijken we of we kunnen versimpelen en in fasen uitvoeren, zodat we beter weten wat mogelijk is binnen het beschikbare budget van € 1,2 miljard. Daarnaast zijn partijen in gesprek over extra geld.

Besluit nemen

De resultaten van dit onderzoek worden bekend in de 2e helft van 2025. Op basis hiervan nemen het Rijk, de provincie en de gemeenten Utrecht en Nieuwegein mogelijk eind 2025 een besluit over een voorkeursalternatief. Hierin staat beschreven welk pakket aan maatregelen de partijen willen uitvoeren.

Als een voorkeursalternatief wordt vastgesteld, kan in 2026 iedereen op de maatregelen kan reageren en is formele inspraak mogelijk. De Tweede Kamer, Staten van de Provincie Utrecht en de gemeenteraden van Utrecht en Nieuwegein moeten dan ook instemmen met het besluit.

Meer informatie

De inzichten en resultaten die tot nu toe zijn verzameld, leest u in het Tussenbericht MIRT Verkenning OV en Wonen(Verwijst naar een externe website). Hier vindt u ook het Verkenningenrapport, Participatierapport, de Maatschappelijke Kosten en Baten Analyse (MKBA) en het advies van het Q-team (klankbordgroep).

Spreekuren

Heeft u nog vragen? Dan kunt u mailen naar uned@utrecht.nl(Verwijst naar een e-mailadres) of u aanmelden voor een van de spreekuren:

  • Donderdag 21 november, 20.00 – 21.00 uur, digitaal
  • Maandag 25 november, 17.00 – 19.00 uur, Bar Beton, boven Utrecht CS
  • Dinsdag 26 november, 10.00 – 12.00 uur, Buurtplein Galecop, Nieuwegein
  • Woensdag 27 november, 17.00 -19.00 uur, Buurtplein Galecop, Nieuwegein
  • Vrijdag 29 november, 12.00 – 14.00 uur, Bar Beton, boven Utrecht CS