Soms heeft een woning nog een ondergrondse olietank. De tank stamt uit de tijd dat we de verwarming op olie stookten. Olieresten uit oude en slecht gesaneerde tanks kunnen in de bodem terecht komen. Na 1969 zijn er geen olietanks meer bij woningen geïnstalleerd. Inmiddels zijn de meeste tanks verwijderd of schoongemaakt. In sommige gevallen is het verwijderen of schoonmaken niet goed gebeurd.

Vindt u een tank? Dan bent u verplicht dit bij ons te melden. Ook bij verkoop van een woning bent u verplicht de aanwezigheid van een tank in het koopcontract te melden. De meldingsplicht geldt ook bij erfpacht. 

In de loop van de tijd is vaak niet meer te zien dat er een tank ligt of lag. Soms kunt u boven de grond nog enkele kenmerken vinden:

  • Vulpunt: Tanks werden gevuld via een putje. Het deksel is van metaal en heeft vaak de naam van een oliemaatschappij. Het putje ligt in de straat naast het huis of in de tuin. 
  • Ontluchting: Tanks hadden een ontluchtingspijp, meestal langs een muur. Zo’n pijp heeft meestal een opening naar beneden tegen inregenen. Als de pijp er niet meer is, zijn er soms nog gaatjes in de muur te zien. 
  • Leidingwerk: Leidingen van de olietank naar het huis zijn dikker dan de leidingen die tegenwoordig in gebruik zijn. Onder de vloer of in de kruipruimte zijn de olieleidingen vaak nog aanwezig.

Misschien heeft een vorige bewoner de tank al gesaneerd. Dit kan zijn gebeurd door de tank te verwijderen. Of door de tank schoon te maken en te vullen met een vulstof (vaak zand). Om zeker te weten dat een sanering goed is uitgevoerd, moet een KIWA-certificaat zijn afgegeven. Wij hebben in de meeste gevallen een kopie van dit certificaat. Is de tank verwijderd zonder certificaat? Dan is het mogelijk dat de bodem toch is vervuild. Vooral tanks die gesaneerd zijn in het begin van de jaren negentig kunnen slecht gesaneerd zijn. Hierdoor roesten ze door en verontreinigen de bodem.

Is de tank niet meer in gebruik, dan is het verplicht deze te verwijderen. Ook tanks die eerder niet goed zijn gesaneerd, moeten vaak alsnog verwijderd worden. Alleen een KIWA-gecertificeerd bedrijf mag een ondergrondse tank verwijderen.

Soms ligt de tank onder een schuur of uitbouw. Of hij ligt zo dicht bij het huis dat bij verwijdering het pand kan verzakken. Dan krijgt u van ons toestemming om de tank te laten liggen. U bent wel verplicht om te saneren. Saneren bestaat dan uit bodemonderzoek, reinigen van de tank en afvullen met zand. Afvullen is nodig omdat er een gat in de grond ontstaat als de tank doorroest. Heeft de tank verontreiniging veroorzaakt? Dan moet de grond wel gesaneerd worden.